BREDERODE (Zure)

Herkomst onbekend, mogelijk afkomstig uit Neder­land. Ontdekt vroeg 19e eeuw. Dit is een zeer beken­de oude stoofpeer. Zij heeft een Bergamotte-vorm (=kort, buikig, naar de steel iets afgeplat, doet aan een appel denken, meestal een vleesheuveltje bij de steel). Het gebruik loopt van de­cember tot mei. Het is een zeer goede stoofpeer, iets rins. Er bestaat on­der­scheid in een zoete en een zure Brederode. De Zure Brede­rode wordt ook wel DIKKOP genoemd. De Bre­derode is altijd een zeer gewaar­deerde peer geweest vanwege zijn goede houdbaar­heid en hoge kwaliteit. De groei is matig tot goed. Ze vormt een grote boom met neer­hangende takken met groot blad. Ze voldoet op alle grondsoorten, zelfs op natte klei. De Brederode levert goed stuifmeel. Ze is waar­schijnlijk een goede bestui­ver voor de Saint Rémy. Door de vroege bloeitijd is er kans op een geringere vruchtzetting door de minder goede weersomstan­digheden.

De pluktijd ligt rond begin oktober en ze is eetrijp vanaf december. Ze is een goede stoofpeer, onge­schikt voor consump­tie als handpeer. Ze heeft wit, korrelig vruchtvlees wat na stoven mooi donkerrood van kleur wordt. Ze is goed houdbaar, tot half april. Ze kleurt na de lange bewaring mooi geel, maar krijgt dan een tere schil, die gemakkelijk zwarte plekken vertoont na een te ruwe behandeling. Ze is in het algemeen een gezond ras, dat weinig vatbaar is voor schurft. In de markt is ze langzamer­hand vervangen door de Saint Rémy.

 

 brederode