EARLY VICTORIA

Komt uit Engeland uit plaatsje Cross te Wisbeck, om­streeks 1899 ontdekt. Het is een kruising van Lord Grosvenor en Keswick Codlin. Wordt ook wel Emneth Early genoemd. Ze wordt altijd in één adem genoemd met Keswick Codlin, een ouder ras waar Early Victoria een verbetering van moest zijn. Ze is wel vruchtbaar­der en gezonder dan Keswick Codlin, maar de kwali­teit is toch minder en ze heeft last van beurtjaren. Soms werd ze verkocht als Transparente Jaune.

Ze heeft een matig tot sterke, piramidale vorm die door de grote vruchtbaarheid sterk wordt afge­remd. Ze levert goed stuifmeel. Vruchtdunning en snoei is noodzakelijk om niet te sterk in beurtjaren te vervallen.

De smaak is scherp zuur. Het gebruik is voor de moes en ze is beschikbaar vanaf augustus. Ze moet doorge­plukt worden in verband met stip en slechte be­waar­baarheid. De vorm is even hoog als breed.

Bij de kelk is ze een beetje geribd, vaak met een naad van de kelk naar de steel. De kleur is groen, wordt later geelgroen, maar blijft vaak flets.

De kwaliteit is matig, ze is vrij zacht, scherp zuur en saprijk. Het is een moesappel, maar toch te zacht om enige weken te bewaren. Ze is vatbaar voor kanker.

Na het opkomen van de James Grieve, welke om­streeks dezelfde tijd rijp is en kwalitatief en produc­tief beter is, verdween de Early Victoria langzamer­hand uit beeld.