TRIUMPH de VIENNE

Als toevalszaailing is ze in 1864 ontdekt door de fran­se kweker Jean Collaud te Montagnon. Ze is in 1874 in de handel gebracht door boomkweker Claude Blan­chet, komende uit Vienne. Ze wenst een zoveel moge­lijk windvrije plaats, met een voorkeur voor warme voedzame, voldoende vocht houdende grond. Als jonge boom is de groei redelijk sterk, later matig. Ze vormt een vrij brede boom met later afhangende gesteltakken door de vruchtdracht. Ze kan als leivorm gekweekt worden. De bloemen zijn aan de late kant en vrij kort, wel wat vorstgevoelig, maar niet erg weersgevoelig. Het stuifmeel is goed, ze geeft veel nabloei en is daarom gevoelig voor bacterievuur. De bevruchting geschiedt door Bergamotte Esperen, Williams, Clapp's, Bonne Louise, Précose de Trévoux. De oogsttijd loopt van begin tot eind september, ze is na ongeveer 3 weken consumptierijp. De opbrengst is redelijk vroeg en behoorlijk hoog, maar wel onregel­ma­tig. Ze verlangt dat in een draagjaar gedund wordt om beurtjaren tegen te gaan. De vrucht is groot tot zeer groot, lang peervormig. De kleur is geelgroen tot bronskleurig. Het vruchtvlees is witgeel, stevig sappig en zoet met een fris zuur. Het is een goede handpeer, eventueel ook geschikt voor compote. Ze is zeer vat­baar voor bacterievuur, minder voor loodglans. De vrucht wordt snel beurs.